36 Tips voor (jonge) startende ondernemers in de zakelijke dienstverlening…(1)


Ik heb de komende drie blogjes vanuit dit doel geschreven… maar het kunnen er ook best vier worden… Ze zijn iets langer dan gebruikelijk, maar dat lijkt me in dit geval geen probleem.

Je kunt de wereld aan maar hebt nog weinig ervaring en niemand excelleert op alle fronten dus je bent vast ook, op onderdelen, nog (on)bewust onbekwaam. Ik heb natuurlijk de wijsheid niet in pacht maar op dit vlak wel enige ervaring… Misschien mag ik je, in het besef dat ervaring per definitie niet actueel is, toch enkele ‘tips’ proberen te geven om er je voordeel mee te doen! Al zou er maar ééntje bij zijn die… [...]  Verder lezen

35 Onze toekomstige Economie… Arbeider, Belegger, Erfgenaam, of?

Misschien is het goed om als ‘niet-econoom’ naar onze economie te kijken en te melden wat me opvalt… Ik weet dus niets beter, maar heb eigenlijk gewoon veel vragen die blijkbaar niemand (politiek) bezig lijken te houden. Ik heb hier (voor mezelf) reeds vele pagina’s over volgeschreven, gewoon om mijn gedachten op een rij te zetten en het is nog lang niet gescreend en van enig niveau, maar omdat ik toevallig vanochtend in de Telegraaf een passage zag in deze richting toch dit voorzetje…

Om even voor wat opschudding te zorgen zal ik beginnen met wat suggesties en daarna volgt een korte toelichting:
 [...]  Verder lezen

34 Nashvile? Je kunt nooit genoeg ageren tegen religie in de politiek!

Tennessee is een conservatief bolwerk van oudsher. De wet van Tennesse verbood b.v. ‘elke theorie die niet overeenkwam met het verhaal van de goddelijke schepping van de mens zoals de bijbel dat onderwijst’ (Apenproces, verbod op het onderwijzen van de evolutietheorie Butler Act in 1925). Tennessee was ook de bakermat (1866 in Pulaski) van de Ku Klux Klan. Al meer dan honderd jaren een zeer extremistische gemeenschap dus. Moet daar onze ‘wijsheid’ vandaan komen of behoren zij tot de Christelijke vorm van IS, die juist een bedreiging vormt? Dit laatste meen ik zeer serieus! Ook zij hebben de wens hun dogma’s over de wereld te verspreiden. [...]  Verder lezen

33 Opa, waarom heb jij een spinnenweb in je neus?

30 december 2018, het was weer gezellig bij Sixties Alive (DOK-H2O) in de haven. Dat is typisch Deventer… een vervallen havengebied wordt weer een hippe woonwijk en een lege schuur, wordt een van de leukste uitjes op de zondagmiddag met gratis live muziek uit de jaren zestig. Gelukkig maar eens in de maand want áls ik ga is dat de enige middag dat ik zondig tegen een ongeschreven regel en een nooit gedane belofte dat ik overdag geen biertje drink. ‘Ik ontkom er niet aan!’ heb ik mezelf gerustgesteld, dus ik heb het te accepteren. [...]  Verder lezen

32 De bezorger van dit blad wenst u…

Wederom een prachtig jaar toegevoegd aan een geweldig leven… ik kreeg zelfs 10 kg te veel!
Oops…. Zo stiekem heeft ook 2018 weer bijgedragen aan de stapel die ‘levenservaring’ heet en ook 2018 heeft dus weer wat deurtjes open gezet in m’n bovenkamer. Trouwens, op deze leeftijd gaan er vaak ook al heel wat deurtjes dicht, maar gelukkig heb ik dat zelf nog niet door….
Een jongetje van een jaar of twaalf dat zojuist aanbelde om ons, als bezorger van een of ander blad (ik kende het niet eens), “prettige feestdagen” te wensen (moeders keek toe vanaf de weg) overhandigde het wens-kaartje met de opmerking: “Meneer wat woont u in een prachtig huis”. Natuurlijk hoor je dat wel eens van relaties maar zoiets zeg ik ook wel als ik bij hén op visite kom, dus ik heb me er nooit ongemakkelijk onder gevoeld. Dít maakte, door de kinderlijke eerlijkheid echter wel echt indruk… Ik herkende mezelf in hem. Ik voelde me gelijk ongemakkelijk maar zei: “Je hebt helemaal gelijk! Wij vinden het ook zó geweldig dat wij hier mogen wonen.” Ik drukte hem vijf Euro in de hand omdat ik het altijd mooi vind als kinderen zich uitsloven om zelf wat binnen te harken en niet alleen maar teren op wat paps of mams ze toeschuiven. Tja, zo’n spiegel komt ineens binnen en je vraagt je onwillekeurig toch af of je je daar misschien zelfs een beetje ‘schuldig’ bij zou moeten voelen, ook al heb je er zelf hard voor gewerkt en het dus echt niet in de schoot geworpen gekregen. Je blikt even terug en beseft dat je hier zelfs al ruim dertig jaar woont en dus als broekie van begin dertig al… oeps… er gaat een lampje branden… Wat moeten de mensen destijds wel niet gezegd of tenminste gedacht hebben? En nee, ze hebben geen gelijk gekregen want we wonen er nog steeds. [...]  Verder lezen

31 Wel of niet je mond opendoen?

Spreken is zilver en zwijgen is goud, is het spreekwoord… Het zal u niet verbazen als ik meld dat naar mijn mening het omgekeerde waar is. Niet altijd, maar over het algemeen wel. Niet je mond opendoen betekent dat je in ieder geval geen verandering teweeg brengt. Wel je mond opendoen wakkert tenminste het gesprek of misschien zelfs de discussie aan. Ook dán kan het zijn dat er niets verandert, maar dan is er in ieder geval een mening geventileerd, een gesprek gevoerd of zelfs een conclusie getrokken. Daar ben ik vóór. Voer de discussie, niet om je gelijk te halen maar om het gedeelde fundament van de conclusie te vergroten en begrip te krijgen voor de argumenten die tot afwijkende conclusies kunnen leiden. Vooral als je het niet met elkaar eens bent biedt het een kans om de mening van de ander en/of die van jezelf te nuanceren... Tóch blijft het voor mij een eeuwig dilemma want ik heb ‘m soms net wat té snel open en dat kan dan ook heel fout uitpakken… 

Gewoon enthousiast met het hart op de tong? Niets menselijks is u vreemd waarschijnlijk, nou mij ook niet… Het was zo’n gezellige begrafenis waar een oude oom of tante wordt begraven die er ook echt aan toe was. Zo’n begrafenis waar de gehele familie elkaar weerziet, inclusief de neven en nichten die je al een eeuwigheid niet hebt gezien. En daar stond ze, vlak voor me… een nichtje die was uitgegroeid tot een volwassen vrouw. Ik had geen idee hoe oud ze inmiddels was en ik had er ook al jaren niet meer gezien. We waren nog redelijk jong en met een enthousiaste blik riep ik van achteren: “Hé Ans, zwanger? Gefelici….”… “Nee” was haar reactie en onmiddellijk vulde ik aan met “Dan ben je te dik”. Dit is waar gebeurd, alleen heeft ze in werkelijkheid een andere naam maar op zo’n moment wens je jezelf natuurlijk op een andere planeet. Een dikke por van mijn vrouw bevestigde dat ik dit toch echt had gezegd en niet had gedroomd… Laatst kwam ik haar weer tegen en we kunnen nog steeds goed met elkaar maar toch…

Spreken met gevoel voor de context… Niet iedereen kan dat en omdat ik redelijk ad rem ben kan dit ook hier tot zeer ongewenste gevolgen leiden. Ik krijg nogal eens een veeg dat ik onvoldoende rekening houd met de ander en dan (veel) te direct ben.  Ik ben ervan overtuigd dat zij… (inderdaad, meestal is het mijn vrouw) volledig gelijk heeft. Ik ben te veel met de redenering of het onderwerp zelf bezig ben en te weinig met de actuele sociale context en dat is vaak niet de meest handige basis om iets te bereiken. Je kunt een gesprek dan ook volledig doodslaan. Ik heb een keer een blunder gemaakt die me dat heel goed heeft ingewreven. Het was zo’n gemiddelde ‘verjaardags-discussie’ en er werd een ‘kort door de bocht opmerking’ gemaakt door een van de dames waarvan ik bij mezelf onmiddellijk dacht “Wat een onzin!” (ik had er wel een klein beetje verstand van, dacht ik). Gelukkig net op tijd op m’n tong gebeten om dat er niet gelijk ook zo uit te flappen zei ik wel: “Wat een bijzondere gedachten-gang, wat is jouw achtergrond?”. Als je nu zegt dat dit wel een heel doortrapte opmerking is dan heb je helemaal gelijk, want daar had ik al lang een beeld bij (ik besef dat dit op zich ook al helemaal fout is natuurlijk, maar ja het was nu eenmaal zo). Met een rood hoofd zei ze  “Schoevers” en ik weer: ”Oh sorry, maar ik dacht dit is zo tegen alle logica in, ze zal er wel écht verstand van hebben”. Hoe stom kon ik zijn? Er is natuurlijk niets mis met secretaresses, maar achteraf vond ik het bijna knap van mezelf dat ik blijkbaar in staat was geweest om met één opmerking iemand volledig de mond te snoeren en de hele zaak gelijk helemaal dood te blazen. Geen gesprek meer mogelijk, alle poppetjes terug in je hok en op naar het volgende onderwerp. Ik schaam me er diep voor en wil zoiets écht niet want ik stel ook veel liever een ‘slimme’ vraag, maar dit overkomt me dus wel met enige regelmaat. Ik denk dat we vroeger veel meer van ‘mijn soort mensen’ hadden, want anders was het voornoemde spreekwoord er nooit gekomen… 

Zojuist kreeg ik nog weer een opmerking dat mijn ad remme geintjes echt niet altijd leuk zijn… Een buurman wilde me een tip geven, kwam binnen en zei:”Mag ik even storen?”. Ik draaide me om en zei:”Is al gebeurd!”. Zijn onzekere blik werd weliswaar snel goedgemaakt door mijn glimlach, maar mijn vrouw keek me tegen de grond…

De sneer met OPZET? Soms ben ik wel met opzet hard en dat is vooral wanneer ik denk dat er een incompetente ‘leider’ aan het roer staat die alle zelfkritiek is verloren en blind acteert vanuit z’n status. Wim Eijk vind ik inderdaad een mooi voorbeeld op landelijk niveau maar ook een niveau daaronder zijn er helaas vele. Ook de ING-commissarissen die vinden dat de salarissen aan de top niet hoog genoeg zijn, zijn in mijn ogen mensen die niet op zo’n positie thuis horen. Omhooggevallen  ‘oud geld’ waarschijnlijk. Ze voelen zich vervolgens gekwetst, maar ook daar heb ik dan een broertje dood aan. Als de realiteit als kwetsend wordt ervaren, wie heeft er dan een probleem? De realiteit? Ik zoek het niet op, maar ga het dus ook zeker niet uit de weg, ongeacht de positie of status. En als ik zelf zo’n stomme fout zou maken?… dan verdien ik niet anders en heb ik recht op dezelfde behandeling dunkt me… dus schroom niet!

Betrouwbare Politicus?

Je kunt er niet omheen? [...]  Verder lezen

29 Wat ga je studeren als je later groot bent?

 

Als kind al vond ik alles interessant dus je kon me eigenlijk voor heel veel dingen enthousiast maken maar ik was nergens een groot talent in. Je hoort me echt niet klagen hoor want ik ben zeer tevreden,  maar dat was gewoon zo en rond om me heen was het niet veel anders. Die echte kind-talentjes kom je (misschien zelfs maar gelukkig ook) heel weinig tegen. Ik kende er geen. Sport vond ik wel aardig maar vooral omdat je dan geen taal of rekenen had, maar dat het me echt interesseerde? Nee, eigenlijk niet… Ik vond het prachtig als iemand iets goed kon hoor, balletje hooghouden of zo, maar ik zou het niet in m’n hoofd halen om dat te gaan oefenen. Het enig opvallende dat ik mezelf herinner als bijzonder, was dat ik als kind van vier of vijf toch echt wel viel voor de piano van oma. Of ik er ook wat van bakte? Nee natuurlijk, maar ik kon (en kan nu nog steeds) genieten van b(l)ijvoorbeeld het simpelweg indrukken van één toets en dan luisteren hoe het geluid zich in de tijd ontwikkelt en hoe het langzaam uitsterft en onderdeel wordt van de ruimte… Heel gek, maar een simpele toon uit een instrument heeft zoveel meer dan bijvoorbeeld een simpele elektronische toon en dat horen is al een ontdekking op zich. Mijn moeder speelde piano en dus kwam er een bij ons thuis. Ik was toen een jaar of 5 á 6. De desillusie van de pianolessen van destijds maakte dat ik na drie maanden afhaakte op de muziekschool en dat voelde als een gigantische opluchting. Dat weet ik nú nog… Ik speelde elke dag liedjes na van de radio, maar de stukken uit de boekjes, daar had ik een broertje dood aan. Op school ging het verder wel aardig en volgens juffrouw Bruinenberg ‘kwam ik er wel’ maar zo’n genie was ik nu ook weer niet dus ik viel meer op door kwajongensstreken (ik zat liever op het dak van de school dan in de klas) dan door hoge cijfers. Het feit dat ik me niet gauw uit het veld liet slaan en altijd wel de discussie aanging was, zo werd me later gemeld, meer dan gemiddeld maar dat is mezelf vroeger nooit opgevallen. De literatuurlijst op de middelbare school heb ik nooit begrepen want het lezen van een roman vond ik zonde van de tijd. Je werd er, volgens mij, niet wijzer van maar biografieën over wetenschappers vond ik bijvoorbeeld wel weer geweldig, maar ja, die mochten dan weer niet. Een rare wereld… Het maken van een schilderij was voor mij ook slecht bestede verf, want een huis schilderen was veel zinvoller. Kunst (buiten muziek) was bij ons thuis dus niet echt een item. Hard werken en studeren wel. Het dilemma Conservatorium of HTS heeft maar heel even bestaan. M’n moeder gaf aan dat je wel héél goed moest zijn wilde je met een conservatoriumopleiding een fatsoenlijke boterham kunnen verdienen en ik kende bij ons in de stad twee jongens die, weliswaar iets ouder, technisch beter speelden dan ik. Omdat ik toch wel echt voor een tien ging, viel dat conservatorium alleen om die reden al voor mij dus direct af. Muziekleraar worden wilde ik namelijk echt niet en dat leek me in zo’n geval het enige alternatief.

Zo’n keuze maak je natuurlijk met de kennis van dat moment, gevoed door je directe omgeving. Ik ben heel erg tevreden met de weg die ik uiteindelijk gevolgd heb maar ik denk nog regelmatig terug aan het moment dat die keuze voorlag en ben inmiddels wel zeer nieuwsgierig wat er van me terecht gekomen zou zijn als ik wél naar het conservatorium gegaan zou zijn. Muziek maken is bij mij altijd in de schaduw blijven staan van m’n dagelijkse werk. Het is de laatste jaren zelfs op een heel redelijk niveau als dirigent hoofdmoot geweest van m’n tijdsbesteding. Het is ook nooit echt weg geweest, ook niet toen ik m’n eigen bedrijf begon. Nu nog, tijdens vakanties, ga ik steeds graag even in kerken kijken of er een mooi orgel staat en of ik er misschien op mag spelen. Spelen in kerken doe ik (als Agost) op aanvraag trouwens nog steeds en verder ben ik toetsenist in twee bandjes. Bij toeval (gebrek aan beter) ben ik op m’n 19e ook gaan dirigeren. Eerst een jongerenkoor, daarna een PopKoor en nog later een kerkkoor (10 jaar ad interim). Dat alles bij gebrek aan een echte dirigent natuurlijk, maar wel met enig succes.

Ik had het ‘geluk’ dat ik op m’n 48ste door de bloedbank werd geweigerd vanwege een te hoge bloeddruk. Ik heb toen bewust een tijdje rustig aan gedaan en dat beviel me zo super dat ik mijn bedrijf vervolgens heb overgedaan aan m’n collega die het overigens nog steeds prima runt. Voor mij zelf kwam er toen de ruimte om met dat dirigeren een stap te maken. Eerst een amateur-Mozart-project (KV275) waarvoor iedereen zich kon inschrijven en waar we na een jaar repeteren een paar aardige amateur-concerten konden geven. Ik was onbewust redelijk bekwaam, want het resultaat mocht er zijn, zonder enige professionele training vooraf. Gabriëlla’s sang uit de prachtige film ‘As it was in heaven’ was het veel beluisterde ‘toetje’. Toen ik werd gegrepen door het Requiem van Mozart (KV626) had ik dus wel een probleem. Zo’n stuk kun je niet doen met ongeoefende zangers en een amateurorkest dus van de 240 aanmeldingen bleven er na audities (dank aan zangpedagoge Ans Booy) 100 echt goede zangers over (er zaten zelfs twee dirigenten in m’n koor) en ik liep dus echt wel op m’n tenen. Ook zo’n beroepsorkest is iets dat je niet zomaar doet. Je hebt één repetitie vooraf en je moet dus de ‘taal van het orkest’ spreken om onmiddellijk duidelijk te maken wat de bedoeling is. Het gebaar van het moment moet de juiste sturing geven want anders gaan ze gewoon hun eigen gang… Ik ging ter voorbereiding bijna een jaar lang wekelijks naar vier bekende Nederlandse dirigenten voor privé-les en naar Masterclasses op het Conservatorium. Daar ging voor mij een wereld open. Ik voelde me er (net als op de UT trouwens) helemaal thuis en wilde er letterlijk wel een tentje opslaan in de tuin om er elke dag te kunnen zijn. Volgens mijn vrouw kwam ik elke avond ‘stuiterend’ thuis. Kortom, de wereld van de muziek was achteraf voor mij misschien ook heel goede keuze geweest. Ik was zeker nooit een heel goede organist of pianist geworden zoals ik destijds in mijn afweging voor ogen had, maar misschien wel een bovengemiddelde dirigent en van die mogelijkheid was ik me destijds helemaal niet bewust. Het Avé Verum van Mozart gaf me vleugels als dirigent… laten zien hoe je een stempel zet op een stuk dat men niet gewend was zo te spelen… Dát is wat ik in dát werk (dirigeren) geweldig vind…

Nu gaat het natuurlijk allemaal niet om de ‘optimale carrière’, voor zover zoiets al mogelijk zou zijn maar het kan dus wél zomaar zijn dat je op basis van te beperkte gronden een heel ongelukkige keuze maakt en dat lijkt me dus op z’n minst erg jammer. Ik weet dat die keuze voor mij bijvoorbeeld binnen één avondje geregeld was… dus dat dit nu zo’n evenwichtige afweging is geweest… nee! Hoewel, twee carrières in één leven is blijkbaar ook mogelijk! Nee, drie zelfs wel want op dit moment ben ik ook ‘inval vrachtwagenchauffeur als het mij uitkomt’ bij een transportbedrijf. Ook superleuk trouwens, maar wel weer iets heel anders… Ik besef dat ik wel erg veel geluk heb gehad dat het allemaal is gegaan zoals het is gegaan, maar ik wil voor de jongere die dit leest vooral aangeven dat een iets bredere oriëntatie/voorlichting dan alleen het thuisfront zich misschien dubbel en dwars terugverdient. Dat is dus één van die dingen die tijd mogen kosten en die een bredere afweging waard zijn… want dit soort keuzes maak je normaliter maar zelden…

Jeroen Teelen 2018 (gelukkig mens)

28 Waargebeurde ervaringen van Sinterklaas…

Sint heeft in de afgelopen 30 jaar toch wel wat bijzondere verjaardagen meegemaakt… een paar kleine voorbeeldjes (zou er een boekje mee kunnen vullen trouwens).   [...]  Verder lezen

27 Gezellig thuis bevallen? Stel dat er tóch onverwacht iets mis gaat, waar ben je dan liever… thuis of tóch in het ziekenhuis?

Nee, ik wil heel graag thuis bevallen…
Ik heb een lieve schoonzus van 68. Ze ziet er uit alsof ze nog vijftig moet worden en da’s geweldig natuurlijk maar toch zou ik niet graag met haar willen ruilen. Zuurstoftekort bij de geboorte heeft haar hersenen beschadigd zodat bijvoorbeeld fijne motoriek maar ook lopen praten et cetera allemaal traag en alleen met heel veel moeite gaan. Ze is dus lichamelijk en geestelijk gehandicapt. Ze heeft een rolstoel, een scootmobiel, een spraakcomputer (die ze door haar spasmen niet goed kan bedienen) en wij gaan iedere zondag met veel plezier naar haar toe maar dat maakt de situatie natuurlijk niet wezenlijk beter. Ze woont in een zorgcentrum voor gehandicapten en heeft haar leven lang een heel groot probleem. Dat gun je niemand en zeker je eigen kind niet dunkt me. Dat alles door een kleine stommiteit of omissie bij de bevalling en dat kan natuurlijk altijd en overal gebeuren. Zij is op zo’n moment niet de enige met een probleem, ook het gezin waarin ze geboren is heeft er de rest van het leven mee te dealen. Daarnaast de maatschappelijke lasten in termen van zorgvraag, kosten et cetera. Toch hoor ik nog steeds aanstaande moeders zeggen dat ze graag thuis willen bevallen omdat de zwangerschap zo goed gaat, het veel romantischer is en ze willen geen gedoe. Ik ben wat dat betreft wel een boer want ik flap er dan vervolgens recht voor z’n raap uit dat je dan dit risico neemt met je kind en dat je niet zou moeten willen. Vervolgens, dat het ziekenhuis (waar m’n eigen kinderen trouwens zijn geboren) ook een superfijne omgeving kan zijn om toch op een hele mooie manier je  gezinsuitbreiding te vieren, en juist helemaal geen ‘gedoe’ is maar eerder gemak. Waar bemoei ik me mee… denk ik dan (echt wel even) bij mezelf, maar ik voel tegelijkertijd een soort plicht om duidelijk te maken dat je onnodig risico’s loopt en dat je met eventuele gevolgen de rest van je leven moet dealen, nog even los van wat je je kind aandoet.

Ik weet dat ik een leek ben, maar ik heb inmiddels wel ruim veertig jaren ervaring met die gevolgen en ik begrijp dus niet waarom aanstaande moeders/ouders toch nog steeds dit (kleine?) risico willen lopen… Ik hoop dan dat zo’n opmerking ze tenminste aan het denken zet. Natuurlijk heb ik vervolgens wel wat artikelen gelezen over dit onderwerp en het is opvallend dat voornamelijk baby-sterfte het criterium in de afweging is. Het ‘ongelukje’ met mijn schoonzus speelt blijkbaar niet eens een rol en dat lijkt me op z’n zachtst uitgedrukt niet volledig. Helemaal verbaasd ben ik over een artikel van prof Simone Buitendijk lees (2010 en ook later nog) waarin het thuisbevallen zelfs wordt gekoesterd! Ook hier weer de discussie over de interpretaties van baby-sterftecijfers en de wijze waarop andere landen de registraties doen zodat vergelijken problematisch wordt en zo maar foute conclusies worden getrokken. Dát begrijp ik natuurlijk wel. Daar zal ze dus heus een goed argument hebben, maar daarmee beschouwt ook zij het ‘ongelukje’ bij mijn schoonzus dus niet als een element in de afweging!

Citaat Simone: ‘Vrouwen die thuis willen bevallen, zijn het meest tevreden over hun bevalling. Ik denk dat we met zijn allen, dus ook de gynaecologen, het systeem van thuis bevallen moeten omarmen, en er trots op moeten zijn dat het in Nederland kan. De Canadezen, Australiërs en Amerikanen kijken naar Nederland als voorbeeld, terwijl we hier intussen van die enorme debatten hebben over de thuisbevalling. De discussie moet gewoon eens een keer ophouden, want de risico’s zijn laag en het is voor vrouwen een groot goed.’

Haar argumenten vóór thuisbevallen vind ik, netjes geformuleerd, onbegrijpelijk: Moeten we trots zijn omdat we onnodig risico’s nemen? Die risico’s zijn misschien gering… maar besef dat de eventuele gevolgen gigantisch kunnen zijn! Een kort feel-good bevallingsmomentje thuis kán je hele gezin een levenslange handicap opleveren! Ik vind dat ze een soortgelijke blunder slaat met het artikel waarin ze stelt dat de gevaren van een ziekenhuisbevalling nergens worden besproken. Natuurlijk heeft ze gelijk als ze stelt dat die er ook zijn maar om daarmee te suggereren dat je beter af bent thuis is om te beginnen niet wat de rest van de wereld vindt en zeker ook niet aannemelijk tenzij er in een specifiek geval iets met een ziekenhuis aan de hand is!

Opmerkingen als: “In het ziekenhuis kan het ook fout gaan” zijn vergelijkbaar met “Je kunt ook longkanker krijgen als je niet rookt”. Mensen die dit zeggen hebben natuurlijk helemaal gelijk. De plaats waar je bevalt is niet een garantie dat alles naar wens verloopt. Je kunt je echter wel afvragen waar je het liefst wilt zijn áls er toch onverhoopt iets fout dreigt te gaan? Je krijgt bijvoorbeeld zelf een hartstilstand… lig je dan liever thuis op de bank met de dokter in aantocht of toch liever in een ziekenhuisbed aan de monitor met alle specialismen om je heen? In beide gevallen kun je alsnog gewoon de pijp uit gaan natuurlijk want in het ziekenhuis valt bijvoorbeeld de stroom uit, maar als ik een gokje moet wagen dan kiest iedereen volgens mij toch echt voor het ziekenhuis! In het ziekenhuis heb je in theorie alles en iedereen bij de hand en als het daar mangelt moet dáár dus wat aan gebeuren en niet aan de keuze op zich! Thuis ben je slechts voorbereid op de meest voorkomende zaken en als de vroedvrouw niet op tijd is, zelfs dat niet! Je loopt dus sowieso extra risico en dat kán net te veel zijn, zoals bij m’n schoonzus. Ik begrijp dus niet dat je zo’n risico bewúst neemt en waarom een hoogleraar dit ook nog meent te moeten verdedigen. Ik heb geen enkel rationeel argument gevonden.

Ook oneliners als Thuisbevallen net zo veilig als in ziekenhuis… suggereren dat je niet meer risico’s loopt als je thuis bevalt en daarmee zeg je dus dat het ziekenhuis, ook bij complicaties, geen toegevoegde waarde heeft. Dat zal niet de opzet zijn van de schrijvers van het artikel, maar dergelijke oneliners worden door de pers (dit ís een krantenkop) en Jan Publiek vervolgens wel gekoesterd en scheppen een schijnveiligheid bij hen die niet verder zoeken/nadenken. Niet doen dus, lijkt me. Zet er dan tenminste een vraagteken achter!

In 2015 beviel nog maar 13% thuis en dat was in 2005 nog 23% maar bedenk dat dit in de ons omringende landen nog slechts 1 a 2 % is en in heel veel landen inmiddels zelfs verboden! Zijn wij zo slim of is de rest van de westerse wereld zo dom? Wat is het fundament onder onze afweging? Nederland is een van de weinige landen in de westerse wereld waar thuisbevallen nog gebeurt en ook al zijn babysterftecijfers misschien geen indicatie voor een voorkeur omdat een vergelijk met andere cijfers niet valide is, dan zou het antwoord op één vraag dat wel kunnen zijn.

Iedere aanstaande moeder met een thuisbevallingswens zou de vraag gesteld moeten worden: “Stel dat er wél iets mis gaat, waar ben je dan liever… Thuis of in het Ziekenhuis?”. [...]  Verder lezen